Vrijwilliger aan het woord

Vrijwilliger aan het woord

Vrijwilliger Nicolien van Roon: 'Er zijn geen taboes'

“Is dat niet moeilijk en zwaar?”, krijgt vrijwilliger Nicolien van Roon vaak te horen als ze vertelt wat haar werk voor Zinvol inhoudt. Maar in de gesprekken is er ook ruimte voor humor en relativering. Bovendien: “Je mag deelgenoot zijn van het proces dat iemand doorloopt. Dat ervaar ik als een geschenk.”

Vragen over leven en dood hebben vrijwilliger Nicolien van Roon altijd beziggehouden. Hoe kan het dat er bij de geboorte ‘ineens’ een nieuw mens is? Wat gebeurt er als je doodgaat? “Misschien komt het doordat ik letterlijk ben geboren op een begraafplaats”, lacht ze. “Mijn vader was er opzichter.”

Voltooid leven
Ze werkte eerder als vrijwilliger in de rouwbegeleiding, “aan de andere kant van de dood”. Later was ze actief als stervensbegeleidster in de vrijwillige palliatieve thuiszorg. Via dat werk kwam ze bij Zinvol terecht. In 2015 behoorde ze tot de eerste lichting die de leergang geestelijke ondersteuning volgde. Ze leerde over gespreksvoering, maar bijvoorbeeld ook over onderwerpen als eenzaamheid en voltooid leven. “De opleiding was heel leerzaam, breed en bijzonder boeiend.”

Ze legt gemiddeld één bezoek per week af. Het fijne aan dit vrijwilligerswerk vindt ze dat mensen wíllen praten. “Je hebt al een ingang.” Het gebeurt ook dat mensen wel willen, maar niet kúnnen praten. In zo’n geval gebruikt Nicolien ander ‘gereedschap’ dan woorden. Luisteren naar muziek bijvoorbeeld, of een creatieve uiting zoals schilderen. Regelmatig neemt ze een toepasselijke tekst mee: een gedicht of een citaat. “Dat gebeurt heel intuïtief. Bij de een doe je dit, bij de ander dat. Maar de cliënt is altijd leidend.”

Maximaal acht gesprekken
Wie zich aanmeldt bij Zinvol, praat in principe eerst met een geestelijk verzorger. Daarna volgt meestal een reeks gesprekken met een vrijwilliger. In theorie zijn dat er maximaal acht, maar in de praktijk komt dat niet zo nauw. “In de laatste fase van het leven, blijf je iemand bezoeken totdat hij of zij gestorven is”, zegt Nicolien.

Steeds vaker werkt Zinvol voor mensen van vijftig jaar en ouder die níet ongeneeslijk ziek zijn. Ze zijn bijvoorbeeld eenzaam of hebben het gevoel dat hun leven voltooid is. In zo’n situatie is het belangrijk dat vrijwilligers van tevoren duidelijk maken dat de reeks gesprekken eindig is. “We zijn erin getraind mensen te helpen zichzelf te helpen. Onszelf overbodig te maken, bijvoorbeeld door hen te ondersteunen in het zoeken van contact met gelijkgestemden.”

Op ontvangen staan
Moet een vrijwilliger over bepaalde eigenschappen beschikken? Nicolien noemt inlevingsvermogen en goed kunnen luisteren. Geen (voor)oordelen hebben is eveneens van belang. Persoonlijke ervaring met verlies helpt ook, vindt Nicolien. “Het moet van binnenuit komen. Anders wordt het een kunstje.” Verder moet de vrijwilliger zichzelf ‘op nul kunnen zetten’: “Dat je alleen op ontvangen staat.”

Mensen zeggen vaak tegen Nicolien: is wat jij doet niet zwaar en moeilijk? Ze antwoordt dan dat er ook wordt gelachen, dat er ruimte is voor humor en relativering. Bovendien: het levert niet alleen die cliënt iets op, maar ook haarzelf. “Je kunt je nooit helemaal verplaatsen in iemand die gaat sterven”, zegt ze. “Je bewandelt niet hetzelfde pad, maar je mag er wel naast lopen. Deelgenoot zijn van dat proces. Dat ervaar ik als een geschenk.”  

Ze benadrukt dat geen vraag te gek is, dat overal over gepraat kan worden. “Er zijn geen taboes.” Samen met de cliënt probeert ze tot de kern van het leven te komen. “Het gáát ergens over.” Daarom past het ook zo goed bij Nicolien. “Ik houd niet van babbelen.”

Interview Caroline Moerland